bene van eeghem blog

All the young dudes

De cover van Cosmopolitan haal ik dit jaar weer niet. Toemetoch. Het heeft alles te maken met dat Bourgondische menu van oudejaarsavond, dat wij met een achtkoppige ploeg naar binnen hebben gewerkt. Zelfs de meest geroutineerde diëtist krijgt zoveel calorieën niet meer bijeen geteld. En Pascale Naessens barst geheid in tranen uit als ze hoort hoeveel remorquen koolhydraten wij op Sylvesternacht tot ons hebben genomen. (als u hier toevallig toch belandt, Pascale: niet verder lezen. Echt niet doen. Oké?)

Ons feestcomité heeft op 31 december geteerd op nacho’s plus een six-layer-dip met veel zure room. Op wortelgembersoep (twee borden!) met geroosterde hazelnoten en vers gebakken brood (zwaar brood!). Op een portie buikspek met bijhorende groentemousses. Op dikke biefstukken, in koffieboter gebakken, met een slaatje en veel verse knapperige frieten. Op twee soorten taart, met veel eieren en veel suiker en veel room bereid, én twee soorten roomijs als dessert. Het exuberante menu leverde spitante reacties van mijn overbuur aan tafel op: “Sebiet zittek ier met den eierpuf, vènt!”. (exclusief West-Vlaams gezelschap, ja. Het geeft altijd kleur aan het leven).

Bovendien spreekt (of blogt) hier het jongste veulen van de feestploeg. De enige niet-vijftiger! Wowie! En als u denkt dat die vijftigers stoffigheid belichamen of niet weten wat ‘doorzakken’ is: think again. Daar zaten 7 zielen aan mijn zij die van jetje gaven tot in de zeer vroege uurtjes. Met steeds meer decibels, aangepaste dranken en uitstekende muziek uit de voorbije decennia, vakkundig ‘gestreamd’ via de computer. Het fenomeen zorgde voor avondvullende gesprekken.

22u40
Gast 1: “Ier sè! All the Young Dudes! E klassiekertje! Van wien is da weere?”
Gast 2: “Van Mott the Hoople!”
Gast 1: “Mo wien etter da nummer geschreev’n?”
Gast 2: “Ja da weete kik nie wè vènt!”
Gast 1: “David Bowie, David Bowie.”

23u35
Streaming crasht en start met veel moeite weer op.
Gast 2: “Sèg, wèt je wek nummer dakkik gèrn nog ekkè zoen ooren?”
Gast 3: “Njeen?”
Gast 2: “Da van Mott the Hoople!”
Gast 3: “Begin nie éé kèrel!”
Gast 2: “Njeen, serieus, en wètje wien datter da geschreev’n et?”
Gast 4, 5 en, 6: “David Bowie!!!”
Gast 2: “Ort! Ort! ’t Spel is were uutgevoll’n…”
(Streaming crasht opnieuw)

23u40
Crash verholpen
Gast 7: “Iemand verzoeksjes voo den avond?”
Gast 5: “Goh, ejje toevollig gin Mott the Hoople in je système zitten?”
Gast 6: “Zet e ploate ip, vènt! Dad oapert minder!”
Gast 3: “Godverrrrr…. “(de rest van dit gesprek werd met het oog op minderjarige lezers uit de blogpost verwijderd)

Er waren gedurende die nacht nog ettelijke crashes, geanimeerde gesprekken, zotte uitbarstingen, enfin: the whole shizzle. 2014-2015 was een jaarwissel in stijl. De onvergetelijke, knotsgekke en beschonken zottigheid waar een mens 364 dagen van nageniet. Nu Mott the Hoople, het menu van 31 december én het slaapgebrek van die nacht grotendeels verteerd zijn, heb ik de bijbel van Pascale Naessens uiteraard terug bovengehaald. Het naslagwerk ligt op mijn aanrecht, met de bijhorende kommetjes uit haar keramiekcollectie.

Pascale zegt me dat ik pas écht gelukkig word als ik in 2015 die koolhydraten afzweer en een stabiel huwelijk met vis, tomaten, linzen en olijfolie sluit. Mocht dat huwelijk alsnog stranden, dan bekeer ik me schaamteloos weer tot dat occasionele copieuze tafelen en de mierzoete caloriebommetjes tussendoor. Daarnaast investeer ik ook in cafébezoeken op schone avonden, in de betere streekbieren én in het gezelschap van all the young dudes. Vooral die zeven dudes, van net boven de vijftig. Daar kan geen kookboek of afgemeten levensstijl tegenop.

1 antwoord

Reacties zijn gesloten.