bene van eeghem blog

L’hiver n’est plus

O, wat kan ik me ergeren aan slechte radioreclame zoals die van Sunweb. U kent het concept – getekend Sien Eggers – vast wel. Al weken op rij speelt ze via de nationale radio het zonnetje in mijn en uw huiskamer: “Ség, de zon hier… Zo’n slecht weer in België!”, of: “Hallo, ‘t Is de zon hier! G’ebt mij lang niet gezien hé?” Siens uitspattingen zijn doorgaans bijzonder grappig en ontwapenend, maar deze campagne? Nope. Niet mijn dada. In mijn streek luidt het dan ‘dajje je duum ijje hat zoe breken’ van ergernis.
De reden van die ergernis moge duidelijk zijn: er was dit jaar helemaal geen winterse kou in België. De thermometer flirt al een poos met de 15 graden en de winterlaarzen die ‘preventief’ voor mijn gebroed werden aangekocht, zitten ongebruikt in de kast. Idem de slee die we met 50% korting op de kop konden tikken: schone investering, maar renderen heeft die niet gedaan. L’hiver n’est plus, de paaslelies staan in bloei en de wereld ontwaakt hier al weken met teder gefluit van gevogelte. Dat heet lente en dat gaat gepaard met zacht weer, een blauwe hemel en ontluikend natuurschoon. De mensen zijn content en sleuren en masse hun barbecue uit het tuinhuis. Sien slaat de bal dus mis als ze weer komt emmeren over dat slechte weer en zegt dat het in Turkije beter toeven is.

Turkije, godbetert. Waar halen die marketeers van Sunweb het toch. En herzien die hun strategie nooit? Als het daar nu warmer is, dan vooral omdat de helft van de natie in brand staat. We horen met de regelmaat van de klok over protesten, verguisde leiders, volkswoede, the whole shizzle. Op zo’n plek boekt geen mens een zorgeloze vakantie. Als Sien dus wéér meldt dat ze naar Turkije trekt, kat ik spontaan tegen de radio-ontvanger: “Doe dat meiske. Ik ben liever elders. En de zon schijnt hier wél.”
(keer op keer kijken twee paar kinderogen me dan stomverbaasd aan: “Mama, waarom babbel jij tegen de lucht? Die hoort toch niets?”. Slim van die gasten. Ik kan daar niks tegen inbrengen.)

Nog een fractie erger zijn de vraagspotjes. “Heeft u soms ook last van brandend maagzuur?” of: “U bent misschien zelfstandig ondernemer en….” De reclame-industrie wil ons op die manier doen geloven dat elke promotie ons op het lijf geschreven is. Fout, want hier zit geen zelfstandig ondernemer en met dat brandend maagzuur valt het best mee. Tenzij ik te veel van die knullige reclame of enerverende disclaimers in de maag gesplitst krijg.

Het zal vast luiden dat ik ouder word, maar soms rewind ik in gedachten naar de tijd dat wij nog naar de Nederlandse televisie keken, voor VTM hier de intrede deed. Het waren de jaren tachtig, hoogdagen van de kitsch en van Ron’s Honeymoon Quiz, De Ep Oorklepshow en Banana Split. Voor en na die uitzendingen kregen kijkers overheerlijke en grappige reclamefilmpjes geserveerd. Geen geleuter over zon of regen, geen knullige vragen maar humor en kleur des te meer. We hielden zelfs wedstrijden op vrijdagavond als er volk over de vloer kwam thuis en de tv opstond. Wie het eerst het merk van de spot kon raden, kreeg een Raider of pakje toverbollen voor het weekend.

De absolute traditionals uit die tijd? Zo klonken ze:

“Mijn mama zegt dat het héél gezond voor me is! Gek hè? ‘k Vind het gewoon lekker.” (Calvé Pindakaas, brought to you by Pietje Vitamientje)
“Heeft u soms een rietje voor Sofietje?” (Taksi)
“Ze heeft meneer tegen me gezegd!” (Mc Donald’s)
“Koning keizer admiraal…” (Popla kenden we allemaal)
“Asjemenou?” (Loeki. En dat er in Nederland net geen volksopstand uitbrak toen het beest werd afgevoerd.)

Cultureel erfgoed kregen we mee met de promo’s van Centraal Beheer Achmea, Albert Heijn en Kanis & Gunnink. Vol karakterkoppen, beproefde scenario’s en met lollige deuntjes eronder. Op You Tube kun je vandaag eindeloos nagenieten. Net vanwege die spotjes misten wij in de eighties ook geen internet of smartphone. Er was iets geinigs te zien op tv en dat hebben we onverdeeld aan de Nederlanders te danken.

Vandaag zitten we helaas op droog zaad wat straffe reclame betreft, op radio én op tv. De occasionele uitzondering niet te na gesproken, serveert de marketingindustrie inspiratieloze merkspots met te veel vragen. Ik hoef die vragen niet, Sien op zijn Sunwebs evenmin. Ik wil lol, dertig seconden met een kernachtige boodschap, een leuk scenario een een geestige slogan. Zodat ik de radio of tv spontaan kan knuffelen, in plaats van ertegen te roepen. Als het gebroed en de wereld me dan compleet gek verklaren, je m’en fous. Voor de rest blijf ik volledig toerekeningsvatbaar.