bene van eeghem blog

Briefje voor Thé

Thé,

’t Was even twijfelen, of ik nu weer zou schrijven omdat een schone ziel het tijdige voor het eeuwige heeft ingeruild. Dat is moeilijk. Maar ik gok dat je er geen bezwaar tegen hebt.

Je verdient iets als een briefje, mooie laatste woorden, omdat je ons ook zoveel keer op mooie woorden hebt getrakteerd. Je ademde lyriek, je zong vanuit het hart. Je hebt een indruk nagelaten.

In 2002 botsten we op elkaar, tijdens Marktrock in Leuven. Way back in time. Het was tegen middernacht, je had er een slotoptreden op de Vismarkt opzitten. De manager deed lastig over ‘nog een interview’. Het was genoeg geweest, vond hij, en hij maakte me duidelijk dat ik maar beter kon opkrassen. Wat ik resoluut weigerde. Uiteindelijk was het jij die richting kleedkamer stapte en zelf zei: “Ach, komaan. Deze meid krijgt nog een babbel. Daarvoor staat ze hier, toch?”

Ik duwde de micro onder je neus. Piepjong, met drempelvrees, met ontzag, maar ook: met nieuwsgierigheid. Ik wou weten wat je er zelf van vond, die avond. Hoe het voelde. Ik wou weten waar artiesten als jij de mosterd halen. Ik wou horen waar je dat stemgeluid – poëtisch schuurpapier – vandaan had. Je was doodmoe, maar antwoordde rustig. Op elke vraag. De voorziene tien minuten liepen uit en je gunde mij en de cameraman in het holst van de nacht een babbel waar we mee konden uitpakken. Toen we afscheid namen, gaf je een schouderklop en zei “Tot nog eens”. Je glimlachte en verdween in de nacht.

We waren behoorlijk trots, Thé. Op de babbel en op dat moment. We hielden er een prachtsouvenir aan over. Een topact vindt het niet altijd nodig om tijd vrij te maken voor gewone stervelingen op het eind van de dag. Maar je deed het zonder kapsones. Dat blijft bij, net als het hele oeuvre dat je nalaat.

Op tal van momenten heeft je muziek een verschil gemaakt. Heus wel. Tijdens de Twee Meter Sessies van weleer, waar je eens een beklijvende versie van ‘Slapen Dromen Zweten’ neerzette. Tijdens feestjes, toen ‘Blauw’ door de luidsprekers stoomde en we brulden ‘hoe geen vrouw ooit krijgt wat ze verdient”. Tijdens Dranouter Folk, waar de laatste festivaldag traditioneel tot aan het ochtendgloren doorliep in de biertent. Tot ‘Feest’ weerklonk. Dat ultieme slotlied. Met iets te veel alcohol in de bloed zongen we mee en altijd waren er tranen bij.

hier is het eind, het eind van het feest
kom, we gaan naar beneden
de bloemen zijn dood, de flessen zijn leeg
het was mooi, maar nu is het verleden.

Die ogenblikken, beste Thé, en die woorden: ze zijn goud waard. Ze zinderen na en geen regenachtige dag of allesverwoestende kanker veegt ze ooit nog van tafel. Net als al je rauwe, rake en bloedeerlijke songs. Net als dat officiële afscheid waarop je ons trakteerde in Brussel, op de eerste zomeravond van 2014. Je wist dat de tijd tikte, wij wisten het ook, maar de passie straalde af van elke song die je bracht. Het was een afscheid met een eeuwig karakter. Onuitwisbaar.

Je was prachtig, meneer Lau.
Je hebt strijd nu gestreden.
Je laat ons het mooiste na.
Rust zacht.

Marktrock2002 Thé Lau

4 antwoorden
  1. Pieter zegt:

    Mooi Bene
    Hier doet het ook een beetje pijn na pnze Gentse bard ook de Nederlander die we graag meebrulden. Morgen tracht ik toch een stukje Thé in de Werchter verslaggeving te smokkelen….

  2. Alysa zegt:

    Ja, Thé, mooie man, lieve man, die ik (helaas veel) te laat heb weten leren te waarderen, rust zacht, Thé!

  3. Geert zegt:

    Thé…lijkt op thee, universeel oud woord..de naam alleen al doet vermoeden naar meer en dat deed je ook, Thé ik zocht je songs nooit speciaal op, doch telkens ik je songs hoorde was het raak..diepgang no nonsense, ik zal je songs nu wel bewust opzoeken…merci Thé…

Reacties zijn gesloten.