bene van eeghem blog

Zoals Leonardo

Een mens verlegt grenzen in crisistijd. Na 35 lockdowns zijn de meesten onder ons nog net niet tilt geslagen en gaan we moedig gefnuikt door het leven. We suffer in style, met beperkte sociale contacten, beperkte ontspanningsmogelijkheden en beperkte perspectieven op om het even wat.

Die beperkingen noemen optimisten graag het ‘nieuwe normaal’. Met een vette knipoog voeg ik daar al eens aan toe dat, omdat ik een aangeboren beperking heb, het leven voor mij één groot feest is. Met beperkingen bovenop de beperking! Hoera! Ik scoor dubbel! Dat klinkt aanlokkelijk, maar in realiteit voelt het meestal als een bescheten commissie.

Nu goed. Gelukkig schijnt er sinds kort weer licht aan het eind van de coronatunnel. De terrassen des vaderlands werden 8 mei voor open verklaard. Ik ben geen emotrut, maar ik heb het die avond met moeite droog gehouden. Het feit dat de regen uit de hemel gutste, had er ongetwijfeld mee te maken. Door dat flutweer piekte het terrasverlangen thuis als nooit tevoren, maar van arren moede hebben we uiteindelijk met een glas cola in de hand door het raam zitten staren, regendruppels tellend, met de tristesse van een gepensioneerde Hush Puppie in de ogen.

Luttele avonden na die mottige achtste mei contacteerde een vriendin mij vlotjes met de vraag ‘of we geen terrasje konden doen’? Ik wou die herkansing na een valse start uiteraard niet laten liggen. Wat later stapten we getweeën door Brugse straten en stegen, op zoek naar die ene perfecte terrastafel. Bij aankomst aan ons favoriet café bleek de zaak helaas potdicht. ‘Sorry, wisselvallig weer!’ stond er te lezen. De volgende kroeg die we opbelden, liet weten dat er pas twee uur later plek was voor nieuw volk. Bij de derde poging hadden we prijs. Een eenvoudige brasserie in de buurt meldde via de telefoon dat we binnen het kwartier verwacht werden voor drank én een kleine hap.

Geheel coronaproof nestelden de vriendin en ik ons daar op een stoeltje onder een immense overkapping. Toen gingen de hemelsluizen nog maar eens open. Het regende danig hard dat de gasten aan de rand van het terras, het water los in hun nek voelden kletsen. Het geraas van de druppels maakte dat we bijna moesten roepen om elkaar te verstaan en de ronkende buitenverwarming bood alleen in combinatie met een gemoltoneerde winterjas, voldoende bescherming tegen de kou.

U geeft me vast gelijk als ik zeg dat geen mens in normale tijden geniet van zo’n scenario. Maar het zijn geen normale tijden. Het is crisis en dan verleggen we dus grenzen. We grijpen elk klein geluk gretig vast. Wat onoverkomelijk lijkt, is plots een bagatel. Dingen waarvoor we anders zouden passen, worden een geschenk uit de hemel.

Ons terrasbezoek was zo’n geschenk, ondanks gutsende regen, dikke jassen en bar lenteweer. Het was een voorrecht om in een compleet verzopen setting bediend te worden door een gemuilkorfde man. Het was een eer om huisbereide garnaalkroketten op een gegarneerd bord te zien verschijnen. Het was een zegen om ‘decentrale’ terraszitters kletsnat te zien worden, zelf droog te blijven en mensen toch te zien lachen om hun misère. Het was een verrukking om zorgeloos glazen wijn te heffen, te klinken, honderduit te kletsen en te beseffen: dit is het echte leven.

Eigenlijk voelde ik me op dat terras bijna zoals Leonardo DiCaprio op de voorsteven van de Titanic. Intens gelukkig, in goed gezelschap, met alleen de einder in het vooruitzicht: ‘I’m the king of the world!’

Helaas stopte onze filmscène abrupt om 21u58, toen we moesten afrekenen en vertrekken. Coronasluitingsuur, weet je wel. In normale omstandigheden is dat een domper op de feestvreugd. Maar het is crisis, dat zei ik al. En in vergelijking met wat DiCaprio tijdens zijn tocht met de Titanic te verteren kreeg, hebben wij toch maar chance gehad en ongebreideld genoten. Leve ‘la dolce vita con corona’ – al mag het lenteweer nu wel gaan komen.