bene van eeghem blog

Naaktheid en arbeidsvreugd

De zomer is in het land en het zweet gutst uit ons aller huidplooien: hoezee! Eindelijk geen chagrijnige gezichten meer op straat. Gedaan met het gejeremieer. Toch blijven Belgische zomers een weinig betrouwbaar fenomeen. De gegarandeerde portie UV werd door mijnentwege dan ook al bewust in het zuiden getankt. Een supplementaire dosis verzengende hitte kwam er vorige week – wegens aanhoudende regen – op bestelling in een lokaal wellness resort. Sauna’s! Zweethutten! Stoomcabines! Voor dertig euro kan een mens er ongegeneerd in lopen dampen, puffen en lekken.

Een bezoek aan de sauna gaat uiteraard met voorzorgsmaatregelen gepaard. Wie wellnesst, doet dat meestal naakt en weelderige lichaamsbeharing bij vrouwen is in die context uit den boze. Zodoende had ik me thuis vakkundig van de taak gekweten: de oksels, benen en bikinilijn waren na wat gegoochel met mes en zeep onberispelijk zijdezacht afgewerkt. De resterende beharing was ‘getrimd’ en geschikt voor publieke presentatie. De obligate badjas had ik op doorrit nog bij een frindin gescoord, en bij de slippers in de koffer gezwierd. Check-check-check.

Bij aankomst in het resort was de boodschap duidelijk: géén badpakken of bikini’s tijdens gebruik van de ‘faciliteiten’. We knikten, al was het in de kleedhokjes toch weifelend afwegen: wanneer gaat het laatste stuk textiel finaal in de locker? En op welk moment gaat die badjas definitief aan de haak, om ons lijf in vol ornaat te laten herbronnen? Mijn nicht en partner in crime – eveneens getrimd volgens de regels van de kunst – gaf de voorzet. Grinnik, glimlach, hop. Nog geen halve minuut later lagen we volledig puur te transpireren in een Finse houten hut bij 60 graden. Fabelhaft!

Al puffend en filosoferend – de moppen over ‘heet’ en ‘nattigheid’ laat ik om welvoeglijke redenen liever achterwege –  kwamen we getweeën al snel tot een heerlijk eerlijke conclusie. Ongeacht onze imperfecties zijn we absoluut appetijtelijke, okselfrisse en aanvaardbaar geproportioneerde vrouwspersonen. Discrete kwabbetjes, ons doorsnee lichaamsgewicht en de verhoudingen zullen de redactie van Vogue nooit in vervoering brengen, maar in vergelijking met menig saunaganger hoeven we heus niet onder te doen. We highfiveden op de vaststelling en doken daarna neuriënd, synchroon en geheel naakt in het verkoelingsbad.

Die verfrissing werd korte tijd later weer ingeruild voor de geneugten van een biosauna – bij 75 graden – met dynamische moodverlichting. De deur van het zweethok vermeldde uitdrukkelijk ‘Stilte aub’, en nogmaals ‘geen badkledij!’. In mijn universum is zwijgen duust keer moeilijker dan naakt gaan, maar we besloten te gehoorzamen en hulden ons in compleet stilzwijgen, te midden van een pikdonkere hete ruimte. Een paar kuchjes en gegrinnik later stelden we vast dat we er compleet alleen lagen, en dus toch konden tateren zolang er zich geen onbekende aanmeldde.

Het plan hield exact anderhalve minuut stand, tot de deur openging en een mannelijk silhouet het hok betrad. Zelfs in de duisternis werd meteen duidelijk dat hij allesbehalve naakt was, een hoop materiaal vasthield, daaruit een zaklamp opviste en aanstak, en in onze richting scheen. Net zoals politieagenten dat in de films doen wanneer verdachten ondervraagd worden, quoi.

Mijn nicht en ik blokkeerden en vreesden een vervolg dat het midden zou houden tussen een collectieve aanranding en The Texas Chainsaw Massacre, tot de man doodgewoon zijn pet afzette en zei:

‘Excuseer voor ’t storen… maar de lamptjes werken hier niet meer. Ik kom er eens naar kijken, ge moet u van mij niks aantrekken.’

Stilte. Waarna: een lachsalvo van onzentwege en een technicus die niet meer wist waar hij het had. We stelden de man gerust en wensten hem succes met de herstelling, die niet van een leien dakje liep. Om hem wat te motiveren, stelden we voor om tussendoor gewoon van het uitzicht te genieten: dat mocht er zijn, toch? Hij grinnikte.

Even later sprong de dynamische verlichting netjes terug aan en begaf de man zich zwaar transpirerend terug naar buiten. Naaktheid en arbeidsvreugd hebben – vermoed ik – nog nooit zó dicht bij mekaar gestaan gelegen.