bene van eeghem blog

Una canzona italiana

Dit weekend al rijdend in de cd-speler gepleurd: een schijfje met nummers uit de jaren ’80 die iedereen zo’n beetje vergeten is. Verwens me maar meteen voor mijn slechte smaak. De eighties worden muzikaal vaak in één adem met kitsch en commerciële rommel genoemd. Terecht, want veel escapades uit die periode blonken uit in gladheid en recycleerbare poppiness. Als we de New Beat en New Wave buiten beschouwing laten, was het vooral het decennium van Stock, Aitken & Waterman, de Pet Shop Boys en Madonna. Beluister al dat gerief na elkaar en u concludeert dat elke song voor 95% op de vorige lijkt.

Gelukkig zijn er ook kleine vergeten pareltjes uit de periode. Uit het Eurosongarchief (!) bijvoorbeeld. Precies die dingen staan op dat bewuste schijfje dat ik onderweg herbeluisterde, een dik etmaal geleden. De cd begint – hupla! – met I treni di Tozeur van Alice & Battiato. Bekentenis: ik hou het bij dat nummer n-o-o-i-t droog. Zó verdomd schoon is het, in al zijn meligheid en nostalgie. De Italianen stuurden A&B in 1984 naar het Eurovisiesongfestival en kregen de vijfde plaats cadeau. Naar mijn gevoel was de eerste plaats de enige juist geweest, zelfs al gaat dat absurd korte melodietje over een spoorlijn. (is dat in België ooit al gebeurd? Iemand die een lofzang schrijft op een buitenlandse spoorlijn? Guess not.)

Wat er mij nu precies bekoort aan I treni di Tozeur is moeilijk in twee woorden te vatten. De som van de deeltjes, vermoedelijk.

Primo: het lied begint met een crescendo. Je wordt letterlijk meegezogen in een tafereel, aan de hand van strijkers en een betoverend ritme. Zelfs als je op dat moment langs pakweg de Boomsesteenweg bolt, waan je je prompt in het Atlasgebergte (daar lag de spoorlijn naar Tozeur, jawel).
Secondo: de stemmen. Battiato is geen vocale grootheid, maar wanneer Alice halverwege de eerste strofe invalt, roep ik altijd: “Gààn, meid, gààn! Ge zingt goe! Zo goe!!!”. (echt, ik zweer het: ze zingt goed. Vandaar dat ik het drie keer zeg.)
Terzo: de taal. Italiaans is poëzie en daar smelt ik voor, ook al begrijp ik nog geen tien procent van wat die gasten zingen. Het klinkt fantastisch en wanneer er muziek onder het Italiaans zit – oh boy – dan word ik zo week als een mossel. Dan kweel ik klanken mee als een kieken zonder kop. En dat lijkt nergens naar, maar voor de sport gaan we daar nu niet dieper op in.

Eén plus twee plus drie, dus. De som van de deeltjes. Maar I treni di Tozeur is nóg meer. Het nummer groeit gestaag en aan het einde komt een sopraanpartij de trommelvliezen strelen. Zomaar, onversneden gedistilleerd uit De Toverfluit van Mozart: Jan Becaus zou het ‘gene kattenpis’ noemen. De absolute kers op de muzikale taart is tenslotte één fragiel zinnetje. Het knalt op 1 minuut 10 seconden altijd loeihard door mijn luidsprekers: E per un istante ritorna la voglia di vivere a un’altra velocità. Door de vertaalmolen gedraaid, betekent dat zoveel als: “heel even bekruipt me het verlangen om op een ander ritme te leven.”

Of het nu aan mijn leeftijd ligt, mijn hormoonspiegel dan wel aan het feit dat ik wil vergeten hoe lelijk Vlaamse wegen bijwijlen zijn: ik brul ook dat stukje consequent én een fractie te luid mee. Dit weekend in de auto gebeurde het weer, terwijl ik tegelijkertijd met mijn rechterarm in de lucht zwaaide om de lyriek kracht bij te zetten: velocitàààààà! We reden toen net op de snelweg en de kinders keken me zeer bedenkelijk aan. De oudste opperde zelfs: “Mama, soms doe jij echt raar”. Net op dat moment werden we bovendien ingehaald – ik reed devoot 110 op het rechter baanvak – en de dame naast de chauffeur die me inhaalde, lachte breed en stak haar duim omhoog bij het tafereel. Feest! Jeuj!

Enfin, genoeg de loftrompet gestoken. U moet het gewoon ook proberen: meedeinen met Alice & Battiato op I treni di Tozeur. En vooral: La voglia di vivere a un’altra velocità, op 1 minuut 10 seconden. Proef ervan. Zing uit volle borst. Uw leven zal een nieuwe dimensie krijgen. Indien niet, dan heeft u zich toch minstens 3 minuten geamuseerd, of onsterfelijk belachelijk gemaakt. In beide gevallen wordt de wereld daar vast geen slechtere plek van.