bene van eeghem blog

Voor altijd

“Wat had het kind in godsnaam verkeerd gedaan?”. Ik schrok even toen een dame dat zei. We stonden bij het graf van een schoolvriendin. Gestorven toen ze twintig was.

Een keer per jaar ga ik er langs. Dan zie ik telkens weer de rozenstruik, wat boeketjes, en een foto van een guitige meid. Ze lacht voor altijd. Haar grafzerk zegt: 1978 – 1998. Ook voor altijd.

Vijftien jaar is ze intussen overleden. En elke dag, al is het maar een fractie van een seconde, denk ik aan haar. Aan wie ze was en hoe ze verdween. Geen afscheid. Soms komt de dood onverbiddelijk hard en snel. Rechtvaardig kun je het niet noemen. Het antwoord op de vraag “waarom” blijft eeuwig uit.

Het kerkhof baadde gisteren in gouden herfstlicht. Mensen waren drukdoende met potten chrysanten en harkjes. Verenigd en voortwerkend in stil verdriet. Ik was in gedachten verzonken, tot die vraag kwam. “De dochter van Jean toch? Verschrikkelijk. Ge kunt daar niet bij. Twintig jaar oud. Wat had het kind in godsnaam verkeerd gedaan?”

Verder dan een fluisterend “Niks, niks…” ben ik niet geraakt. Ik kon alleen maar terug denken aan de vorige keer dat ik dezelfde plek bezocht, en Jean er toevallig aantrof. We hadden mekaar jaren niet meer gezien. Ook hij was met een harkje en gieter in de weer. Laatste korreltjes aarde wegvegen, bloemen water geven. Het graf van zijn enige dochter lag er onberispelijk bij.

Hij keek op en zag me. Ik duwde een klein boeketje in zijn handen. Er sprongen tranen in zijn ogen. Hij stamelde. Dat het al veertien jaar geleden was, toen. En dat zijn dochter binnenkort langer weg zou zijn dan ze hier ooit rondgelopen had. Hij miste ze zo. Het ging, zei hij, maar hij miste ze zo. We namen elkaar even vast. De tranen vloeiden en we zeiden niks meer. Ik vloekte inwendig en moest schuldgevoel overmeesteren. Schuldgevoel, omdat ik daar gezond en wel stond. Omdat ik een leven had opgebouwd, met twee kinderen. Ik was een bofkont. Ik had een vader verloren, dat wel. Maar bij hem was alles afgebroken, in 1998.

Ze zeggen dat de tijd alle wonden heelt. Het is een mooi gezegde, maar soms voelt het anders. Ook daar moest ik aan denken toen ik gisteren van het kerkhof weg wandelde. De zon scheen nog volop. Het gouden herfstlicht maakte het stil verdriet wat draaglijker. De rest was heel even niet meer van tel.

Rust zacht, Niki. We missen je nog elke dag. Je lacht voor altijd.